Heb je een bericht gekregen van de examencommissie? Dan wil je waarschijnlijk weten waarom en wat dat voor jouw studie betekent. Misschien heb je een vrijstelling aangevraagd, wil je een extra herkansing of word je beschuldigd van fraude. In al deze situaties kun je met de examencommissie te maken krijgen.
Maar wat doet een examencommissie precies? Welke beslissingen mag zij nemen en wat kun je doen als je het ergens niet mee eens bent? We leggen het uit voor studenten op het mbo, hbo en de universiteit.
Wat is de examencommissie en wie zitten erin?
De examencommissie is een onafhankelijke commissie binnen je onderwijsinstelling die de kwaliteit van examens bewaakt. Ze beslist onder andere over vrijstellingen, behandelt bepaalde verzoeken en fraudezaken en stelt vast of je aan de voorwaarden voor je diploma voldoet.
De examencommissie zorgt er dus niet alleen voor dat examens aan de regels voldoen. Haar beslissingen kunnen ook direct gevolgen hebben voor jouw studie.
Daarbij is er een belangrijk verschil tussen de examencommissie en je docent. Een docent of andere examinator beoordeelt meestal je tentamen of opdracht. De examencommissie houdt toezicht op de kwaliteit van die beoordeling en heeft daarnaast eigen taken en bevoegdheden. Welke regels precies gelden, staat onder andere in de onderwijs- en examenregeling (OER) en het examenreglement van jouw opleiding.
Welke beslissingen kan de examencommissie over jou nemen?
Je krijgt waarschijnlijk niet dagelijks met de examencommissie te maken. Toch kan ze op verschillende momenten in je studie een belangrijke rol spelen.
1. Je vraagt een vrijstelling aan
Heb je tijdens een eerdere opleiding al een vergelijkbaar vak afgerond? Dan hoef je dat vak misschien niet opnieuw te volgen. Je kunt in dat geval een vrijstelling aanvragen.
De examencommissie beoordeelt of je aan de voorwaarden voor die vrijstelling voldoet. Daarbij kan ze bijvoorbeeld kijken naar eerder behaalde resultaten, de inhoud van je vorige opleiding en de regels van je huidige studie.
Een vrijstelling krijg je niet automatisch. De examencommissie moet kunnen onderbouwen waarom jouw verzoek wordt goedgekeurd of afgewezen.
2. Je wilt een extra herkansing
Stel dat je een belangrijk tentamen hebt gemist door ziekte of andere bijzondere omstandigheden. Je hebt inmiddels geen reguliere herkansingen meer over en wilt graag een extra kans. Afhankelijk van de regels van je opleiding kun je hiervoor een verzoek indienen bij de examencommissie.
De commissie kijkt dan of er volgens de geldende regeling aanleiding is om van de normale regels af te wijken. Daarbij kunnen je persoonlijke omstandigheden een rol spelen.
Let op: je hebt niet automatisch recht op een extra herkansing. Welke mogelijkheden je hebt, hangt af van de OER en de regels van jouw onderwijsinstelling.
3. Je wordt beschuldigd van fraude of plagiaat
Dit is waarschijnlijk een van de vervelendste redenen om een bericht van de examencommissie te krijgen.
Misschien denkt een docent dat je hebt afgekeken tijdens een tentamen. Misschien bevat je scriptie volgens een plagiaatcontrole te veel overeenkomsten met andere teksten. Ook het gebruik van AI kan aanleiding geven tot een onderzoek wanneer daarover regels zijn overtreden.
Een verdenking betekent niet automatisch dat je fraude hebt gepleegd. De examencommissie moet de situatie beoordelen aan de hand van de toepasselijke regels en de beschikbare informatie. Afhankelijk van de omstandigheden en de regels kan een fraudevaststelling leiden tot maatregelen die gevolgen hebben voor je tentamen of studievoortgang.
Word je uitgenodigd om je kant van het verhaal te vertellen? Bereid je dan goed voor en kijk welke stukken relevant zijn voor jouw situatie.
→ Lees ook: Wat gebeurt er tijdens een hoorzitting van de examencommissie bij fraude?
Ben je beschuldigd van fraude en weet je niet hoe je moet reageren? Bekijk dan ook hoe De Studentenadvocaat je kan helpen bij examenfraude.
4. Je wilt je diploma behalen
Ook aan het einde van je opleiding speelt de examencommissie een belangrijke rol. De commissie stelt vast of je aan de voorwaarden voor je diploma voldoet. Denk aan het behalen van de verplichte examens, het afronden van onderdelen van je opleiding en eventuele andere eisen die in de examenregeling staan. Ontbreekt er volgens de commissie nog een verplicht onderdeel? Dan kan dat gevolgen hebben voor het moment waarop je je diploma ontvangt.
Ben je ervan overtuigd dat je wel aan alle voorwaarden voldoet? Dan is het belangrijk om na te gaan op welke regels de beslissing is gebaseerd.
5. Je bent het niet eens met een tentamencijfer
Vind je dat je tentamen of scriptie verkeerd is beoordeeld? Dan is de examencommissie niet automatisch degene die jouw cijfer opnieuw vaststelt.
De beoordeling wordt doorgaans gedaan door een examinator. Wel kun je, afhankelijk van de regels van je opleiding, bij de examencommissie terecht met bepaalde verzoeken of klachten over de examinering.
Begin met het opvragen of bekijken van je beoordeling en controleer welke procedure jouw opleiding hiervoor heeft.
Wie zitten er in de examencommissie?
Meestal bestaat de examencommissie uit:
Voorzitter: Docent, opleidingscoördinator of hoofddocent (nooit iemand uit het College van Bestuur)
Leden: Docenten uit diverse vakgebieden van je opleiding
Secretaris: Administratief medewerker die zorgt dat procedures goed verlopen
Extern lid (optioneel): iemand van buitenaf voor extra objectiviteit.
Studenten maken doorgaans geen deel uit van deze commissie, omdat onafhankelijkheid essentieel is. De commissie beslist neutraal, zonder beïnvloeding door belangen van studenten, docenten of directie.
Wat zijn de taken van de examencommissie?
De examencommissie heeft diverse taken. De belangrijkste zijn:
Diplomabeslissing:
Vaststellen of een student aan alle voorwaarden voldoet voor het behalen van een diploma (of tussentijdse certificaten). Dit betekent checken of alle verplichte tentamens behaald zijn en of dit volgens de regels is gebeurd. Pas als de examencommissie tekent, krijg je officieel je diploma.
Kwaliteitsbewaking van tentamens en examens:
De commissie bewaakt de kwaliteit van tentamens en examens door criteria te stellen voor eerlijkheid, validiteit en niveau. Ze keuren bijvoorbeeld toetsplannen goed en controleren toetskwaliteit achteraf.
Regels en richtlijnen opstellen:
Binnen het kader van de OER stelt de examencommissie aanvullende richtlijnen op, bijvoorbeeld over herkansingen, beoordelingscriteria en nakijktermijnen. Allemaal om ervoor te zorgen dat beoordelingen eerlijk gebeuren.
Vrijstellingen verlenen:
Heb je een bepaald leerdoel al op een andere manier behaald (bijv. via een andere studie of werkervaring), dan kun je vrijstelling aanvragen. De examencommissie beoordeelt dat verzoek en mag je vrijstelling geven voor een vak of stage als ze vinden dat je al voldoende kennis/vaardigheid hebt. Zo voorkomen ze dubbel werk voor studenten, maar bewaken ze ook dat niet te snel vrijstellingen worden gegeven.
Fraude en plagiaat aanpakken:
Als er fraude (vals spelen, spieken, gegevens vervalsen) of plagiaat (werk kopiëren zonder bronvermelding) wordt geconstateerd, is het de examencommissie die maatregelen neemt. Ze onderzoekt de zaak en kan sancties opleggen. Denk aan: het betreffende tentamen ongeldig verklaren (cijfer 1 geven), een waarschuwing, of zelfs de student voor een bepaalde periode uitsluiten van alle tentamens. In ernstige gevallen (bij herhaaldelijke fraude) kan de examencommissie het advies geven iemand van de opleiding te verwijderen. Fraude en plagiaat vallen dus nadrukkelijk onder hun bevoegdheden. Lees hier meer over een gesprek met de examencommissie over plagiaat of fraude.
→ Heb jij een conflict met je examencommissie? Laat ons met je meekijken. We bijten niet, en het eerste gesprek om je situatie te beoordelen is vaak gratis bij ons. Onze advocaten staan voor je klaar, zelfs als je een smalle beurs hebt. Stuur ons vandaag nog een bericht, gewoon in je eigen woorden.
Aanwijzen van examinatoren:
Een examinator is een docent die bevoegd is om tentamens af te nemen en te beoordelen. De examencommissie wijst examinatoren aan voor de vakken. In de praktijk betekent dit dat zij een lijst goedkeuren van docenten die tentamencijfers mogen toekennen. Zo weten ze zeker dat bevoegde mensen nakijken en cijfers geven.
Toestemming voor flexibel onderwijsprogramma:
Soms wil een student een eigen onderwijsprogramma samenstellen (bijvoorbeeld vakken volgen aan twee opleidingen tegelijk, of een deel in het buitenland doen buiten de standaard uitwisseling). De examencommissie kan dan toestemming geven voor een individueel leertraject, en bepalen welke vakken daarin meetellen voor het diploma.
Erkennen van elders behaalde resultaten:
Als je tijdens je studie vakken volgt aan een andere instelling (bijvoorbeeld een semester aan een universiteit in het buitenland, of je stroomt door van hbo naar wo en wilt bepaalde vakken meenemen), beslist de examencommissie welke resultaten erkend worden. Ze keuren als het ware je externe studiepunten goed voor jouw opleiding.
Bindend studieadvies vaststellen:
Zoals eerder genoemd, beslist de examencommissie formeel over positieve/negatieve BSA’s aan het eind van jaar 1. Met de nieuwe ontwikkelingen wordt dit advies waarschijnlijk enkel adviserend, maar voor zover er formele besluiten zijn over doorstromen of stoppen, komen die van de examencommissie.
Jaarverslag opstellen:
Tot slot maakt de examencommissie jaarlijks een verslag van haar. Hierin evalueren ze bijvoorbeeld hoeveel fraudegevallen er waren, hoe de slagingspercentages waren, of er bijzonderheden waren met toetsen, enz. Dit verslag gaat naar het instellingsbestuur en dient ter verantwoording en verbetering van de kwaliteit van het onderwijs.
Dit is een flinke lijst, die duidelijk maakt dat de examencommissie op veel fronten betrokken is bij jouw studievoortgang. Van het moment dat je je eerste tentamen maakt tot het moment dat je je diploma krijgt, houdt de examencommissie een oogje in het zeil. Ze zijn er zowel voor het collectieve niveau (toetskwaliteit algemeen) als voor individuele besluiten (zoals vrijstelling of fraudezaken).
Hoe bewaakt de examencommissie de kwaliteit van het onderwijs?
Toetsing vormt het kloppend hart van een opleiding. Als toetsen slecht in elkaar zitten, zegt je diploma weinig over wat je echt kunt. Daarom bewaakt de examencommissie nauwkeurig de kwaliteit van alle toetsen en examens. Maar hoe doen ze dat precies? We nemen je mee achter de schermen.
Toetsbeleid en visie:
Op strategisch niveau kijkt de examencommissie mee naar het toetsbeleid van de opleiding. Ze stellen vragen zoals:
Passen de toetsvormen bij de leerdoelen?
Is er een evenwichtige mix van schriftelijke tentamens, praktische opdrachten en scripties?
Worden alle eindtermen van de opleiding goed gedekt?
Op deze manier zorgen ze ervoor dat elk belangrijk onderwerp voldoende aan bod komt, zonder overbodige herhaling.
Goedkeuren van toetsplannen:
De examencommissie beoordeelt en adviseert over het toetsplan (ook wel toetsmatrix genoemd). Ze letten hierbij onder andere op:
Een evenwichtige spreiding van toetsen gedurende het studiejaar.
Duidelijke beoordelingscriteria.
Het toepassen van het vier-ogen-principe, vooral bij belangrijke toetsen zoals scripties.
Door vooraf te controleren, zorgen ze ervoor dat het onderwijs consistent en eerlijk blijft. Lees ook: Hoe vaak mag je je scriptie herkansen?
Richtlijnen voor toetsontwikkeling:
De examencommissie stelt specifieke richtlijnen op voor het maken van toetsen. Denk hierbij aan:
De opzet van meerkeuzevragen volgens duidelijke criteria.
Het verplicht vooraf nakijken van toetsen door collega-docenten.
Het stimuleren van oefentoetsen, zodat studenten goed voorbereid zijn.
Deze richtlijnen helpen docenten om kwalitatief sterke toetsen te maken.
Analyseren en verbeteren van toetsen:
Na afloop van tentamens voert de examencommissie toetsanalyses uit. Ze bekijken bijvoorbeeld statistieken en slagingspercentages. Dit helpt om vast te stellen of een toets te makkelijk, te moeilijk of wellicht onduidelijk was. Wanneer blijkt dat een bepaalde vraag slecht functioneerde (bijvoorbeeld als vrijwel alle studenten deze fout beantwoordden), kan de commissie besluiten om vragen ongeldig te verklaren of resultaten aan te passen.
Door deze analyses worden toetsen continu verbeterd. Dit garandeert dat het niveau van je opleiding steeds hoger wordt én dat toetsen eerlijk blijven.
Deskundigheid van examinatoren:
De examencommissie bewaakt ook de deskundigheid van docenten die toetsen afnemen en nakijken. Dit kan bijvoorbeeld door eisen te stellen aan hun scholing (zoals trainingen in toetsontwikkeling) of door bij opvallend hoge of lage cijfers met hen in gesprek te gaan. Soms organiseert de examencommissie ook workshops voor docenten over toetskwaliteit.
Plagiaatchecks en fraudepreventie:
Eerlijkheid is essentieel voor de kwaliteit van het onderwijs. Daarom zorgt de examencommissie voor effectieve fraudepreventie. Ze zetten bijvoorbeeld plagiaatdetectie-software zoals Turnitin of Ephorus) in, informeren studenten duidelijk over de regels en stellen protocollen op voor online tentamens en open-boek-toetsen. Zo behouden tentamens hun waarde.
Je merkt: de examencommissie is veel meer dan alleen “dat clubje dat je studiepunten afvinkt”. Ze zijn continu bezig om het onderwijsniveau hoog te houden en examens eerlijk te laten verlopen. Hun rol wordt ook weleens treffend omschreven als: “poortwachters van de diplomakwaliteit”. Dankzij hun werk betekent jouw diploma écht iets, waardoor werkgevers en vervolgopleidingen erop vertrouwen dat je beschikt over de juiste kennis en vaardigheden.
Hoe werkt de examencommissie samen met anderen?
Kwaliteitsborging in het onderwijs is teamwork. De examencommissie staat er niet alleen voor. Binnen een onderwijsinstelling zijn er meerdere organen en personen die zich met toetsing en kwaliteit bezighouden, zoals:
Docenten en examinatoren: Zij maken en beoordelen de toetsen. De examencommissie wijst hen aan en werkt met hen samen. Vaak zullen docenten feedback geven aan de examencommissie over hoe toetsen verliepen, of andersom zal de commissie docenten aanspreken als er iets opvallends is. Bijvoorbeeld extreem hoge of lage slagingspercentages bij een vak.
Opleidingsdirectie en management: Hoewel de examencommissie onafhankelijk is, heeft ze uiteraard contact met de opleidingsdirectie en het faculteitsbestuur. Als structurele verbeteringen nodig zijn, geeft de commissie dit aan. Tegelijkertijd moet de directie zorgen voor de faciliteiten, zoals voldoende tijd en scholing voor docenten om hun rol goed uit te voeren.
Curriculumcommissie of opleidingscommissie: Deze commissie, waarin docenten én studenten zitten, kijkt naar de inhoudelijke kwaliteit van het onderwijs. Als zij voorstellen doen voor nieuwe vakken of een andere verdeling van studiepunten, beoordeelt de examencommissie hoe dit past binnen de toetsstructuur. Soms stelt de commissie hierbij voorwaarden om de toetskwaliteit te waarborgen.
Studentendecanen / studieadviseurs: Bij individuele gevallen (zoals verzoeken om uitstel of persoonlijke omstandigheden) werkt de examencommissie samen met decanen of adviseurs. Als jij bijvoorbeeld door ziekte tentamens mist en een verzoek indient voor extra herkansing, zal de examencommissie een besluit nemen. Vaak mede op basis van een verklaring of advies van de studentendecaan. Ook voor BSA-besluiten verzamelen ze vaak informatie via deze organen.
College van Beroep voor de Examens (CBE): Dit is het interne beroepsorgaan waar je in beroep kunt gaan tegen beslissingen van de examencommissie. In feite is het CBE een controlemechanisme op de examencommissie. De examencommissie moet in een beroepszaak kunnen uitleggen en verdedigen waarom ze een bepaald besluit heeft genomen. Dit houdt hen scherp.
Wat gebeurt er als je voor de examencommissie moet verschijnen (bijvoorbeeld bij fraude)?
Misschien wel de spannendste situatie voor een student: je krijgt bericht dat je werk is voorgelegd aan de examencommissie wegens een vermoeden van fraude of plagiaat. Wat nu? Allereerst, begrijp dat dit standaardprocedure is in zo’n geval. Het betekent niet automatisch dat jij schuldig bent; het betekent dat er een onderzoek loopt en de examencommissie de zaak beoordeelt. Hieronder leggen we uit hoe zo’n proces meestal verloopt en hoe je je kunt voorbereiden.
1. Vermoeden van onregelmatigheid:
Dit begint vaak bij een docent of via een plagiaatscanner. Stel je hebt een verslag ingeleverd en de plagiaatscanner geeft een hoog percentage overeenkomst aan, of de docent merkt dat jouw tentamen wel erg lijkt op dat van iemand anders. De docent meldt dit aan de examencommissie met eventueel een kort verslag van wat er verdacht is. Vanaf dat moment houdt de docent zich op de achtergrond; de examencommissie neemt het over om objectief te beslissen.
2. Kennisgeving aan student:
Je ontvangt een e-mail of brief dat er een vermoeden van fraude of plagiaat is geconstateerd in een bepaald tentamen of werkstuk. In die mail staat meestal dat de examencommissie de zaak in behandeling heeft genomen en dat je een uitnodiging krijgt voor een hoorzitting. Dit is schrikken, maar bedenk: ze hebben nog geen beslissing genomen. Je krijgt de kans om jouw kant van het verhaal te vertellen. Vaak vermelden ze globaal waar je van verdacht wordt, maar soms hoor je de details pas in de zitting.
→ Tip: Reageer netjes op de uitnodiging en bevestig dat je komt. Het niet verschijnen kan negatief uitgelegd worden (en ze mogen ook zonder jou beslissen als je wegblijft). Als de voorgestelde datum onmogelijk is voor je, neem meteen contact op om een andere datum af te spreken.
3. Voorbereiding:
Ga na wat er gebeurd kan zijn. Weet je dat je iets fout hebt gedaan? Bereid je er dan op voor om dit uit te leggen of te bekennen en vooral berouw te tonen. Als je meent onschuldig te zijn, verzamel dan alles wat jouw onschuld kan staven. Denk aan: eerdere versies van je verslag (veel programma’s slaan automatisch conceptversies op – laat zien dat je je werk zelf hebt opgebouwd), mails of appjes waaruit blijkt dat jij de opdracht zelf maakte, et cetera.
Documenteer jouw proces. Bij een beschuldiging van plagiaat kun je bijvoorbeeld je bronnenlijst nog eens doornemen: heb je per ongeluk iets niet goed geciteerd? Of is het misschien een toevallige overeenkomst? Schrijf voor jezelf op wat er gebeurd kan zijn, zodat je in de stress van de zitting niets vergeet te melden.
Ken ook de regels: check de OER of de examenregeling van jouw opleiding op het hoofdstuk fraude en plagiaat. Daarin staat vaak welke straffen mogelijk zijn en hoe de procedure verloopt. Meestal mag je iemand meenemen (bijvoorbeeld de Studentenadvocaat) naar de hoorzitting. Als dat mag en je voelt je erg onzeker, doe dit dan.
4. De hoorzitting:
Dit is meestal een formeel gesprek van 15 tot 30 minuten met de examencommissie. Meestal zijn aanwezig: de voorzitter van de examencommissie, één of twee andere leden, en vaak een ambtelijk secretaris die notuleert. Soms is ook de docent die de melding deed aanwezig om toelichting te geven, maar bij sommige instellingen juist niet (om objectiviteit te bewaren).
Het gesprek verloopt ongeveer zo: de voorzitter heet je welkom, stelt iedereen voor en legt uit dat er een vermoeden van fraude/plagiaat is en dat ze jouw kant willen horen. Ze zullen concreet uitleggen wat de beschuldiging is. Bijvoorbeeld:
“In uw werkstuk zijn passages aangetroffen die vrijwel letterlijk overeenkomen met een Wikipedia-pagina, zonder bronvermelding,”
of
“Er is geconstateerd dat uw ingeleverde tentamen vrijwel identiek is aan dat van student X, hetgeen duidt op mogelijke samenwerking tijdens het tentamen.”
Vervolgens krijg jij ruimte om te reageren. Vertel rustig en eerlijk jouw verhaal. Als je schuldig bent en je weet het, heeft ontkennen meestal geen zin. De feiten liggen er vaak duidelijk bij. Het kan dan beter zijn om het toe te geven en te benadrukken dat je het spijt, dat het een inschattingsfout was, en dat je ervan geleerd hebt. Examencommissies zijn streng op fraude, maar ze zullen een oprechte houding en het nemen van verantwoordelijkheid altijd meewegen. Soms kom je dan weg met een mildere straf. Bijvoorbeeld alleen een 1 voor dat tentamen in plaats van een schorsing.
Onterecht beschuldigd?
Ben je van mening dat je onschuldig bent, leg dan uit hoe de overeenkomst of verwarring kan zijn ontstaan. Misschien heb je wel samengewerkt in de voorbereiding maar niet tijdens het tentamen. Geef dat aan. Of misschien is jouw tekst door iemand anders zonder jouw weten overgenomen (ja, dat gebeurt; bijvoorbeeld je hebt een klasgenoot “even je verslag laten zien” en die heeft meer gekopieerd dan jij dacht). Wees eerlijk over jouw eigen aandeel en benadruk wat je níet hebt gedaan.
Blijf tijdens de zitting beleefd en rustig, ook al voelt het misschien als een rechtszaak. De examencommissie is er niet om je persoonlijk aan te vallen, ze doen hun werk om de eerlijkheid te bewaren. Ze zullen vragen stellen, soms stevig doorvragen. Probeer die te beantwoorden zo duidelijk mogelijk. Als je iets niet weet of je herinnert het je niet precies, zeg dat dan. Ga niet lukraak wat verzinnen, daar prikken ze zo doorheen en dat doet je zaak geen goed.
→ Heb je hierbij ondersteuning nodig of vind je het spannend om alleen te gaan? Je mag vrijwel altijd de Studentenadvocaat inschakelen om je te adviseren. Onze advocaten hebben regelmatig bijgestaan in dit soort zittingen. We kunnen helpen je schriftelijke verklaring op te stellen of zelfs namens jou het woord doen als dat toegestaan is. Schroom niet om ons een bericht te sturen, het kan net het verschil maken in de uitkomst.
5. De beslissing:
Meestal krijg je niet direct tijdens de zitting de uitslag (soms bij heel eenvoudige zaken wel, maar doorgaans zeggen ze dat je de beslissing op schrift ontvangt binnen X dagen). De examencommissie trekt zich terug, overlegt en weegt alle feiten en jouw toelichting. Vervolgens nemen ze een besluit over wel of geen fraude en welke sanctie daarbij hoort als het wel fraude/plagiaat was.
Mogelijke uitkomsten bij de examencommissie:
Als de examencommissie vindt dat er geen fraude/plagiaat heeft plaatsgevonden of dat het onvoldoende bewezen is, dan krijg je vaak schriftelijk bericht dat de zaak ongegrond is verklaard. Je werk wordt dan alsnog normaal beoordeeld of het cijfer van het tentamen blijft staan. Soms, in twijfelgevallen, geeft de examencommissie een waarschuwing (“deze keer zien we het nog door de vingers, maar let op…”). Zeker als ze vermoeden dat je iets doms hebt gedaan zonder opzet.
Als ze oordelen dat er wel fraude of plagiaat is gepleegd, volgt er een strafmaat. Veel examencommissies hanteren een sanctieladder: een lichte overtreding (bijv. vergeten bronvermelding bij een paar zinnen) kan een waarschuwing of een herkansing met aftrek betekenen, terwijl een zware of opzettelijke fraude (stukken tekst gekopieerd, vals spel bij tentamen) een zwaardere straf krijgt. Mogelijke sancties zijn onder andere:
Het cijfer ongeldig verklaren, oftewel je krijgt een 1 of NS (niet succesvol) voor het tentamen of werkstuk. Dit is vrij standaard bij betrapping: je haalt dat vak dus niet en moet het opnieuw doen op een volgend moment.
Uitsluiting van het vak of de toets voor een bepaalde periode. Bijvoorbeeld: je mag de eerstvolgende herkansing niet deelnemen, zodat je een half jaar of jaar moet wachten tot de volgende mogelijkheid. Dit wordt gedaan om duidelijk te maken dat fraude tijdskostend is.
Uitsluiting van alle tentamens voor een periode, maximaal een jaar. Dit is voor ernstige gevallen (of herhaaldelijke fraude). In feite word je dan geschorst: je mag bijvoorbeeld twee blokken lang geen enkel tentamen maken. Je blijft wel ingeschreven als student, maar je studie loopt fors vertraging op.
In extreme gevallen: een voorstel tot verwijdering van de opleiding. De examencommissie kan bij herhaaldelijke zware fraude het college van bestuur adviseren om jou van de opleiding te sturen (dit gebeurt zelden, en meestal moet je dan echt meerdere keren betrapt zijn of iets heel ingrijpends hebben gedaan).
6. Na de beslissing: wat kun je doen?
Als je schuldig bent bevonden en je baalt van de straf (of je bent het er niet mee eens), heb je het recht om beroep aan te tekenen. In de brief zal staan hoe en bij welk orgaan, meestal het CBE. Dit moet je binnen 6 weken. In dat beroep kun je bepleiten waarom je vindt dat de beslissing onjuist of de straf te zwaar is. Het CBE kijkt dan of de examencommissie redelijk gehandeld heeft en alle procedures goed volgde. Ze kunnen de beslissing vernietigen of de straf verkorten, maar ze kunnen het ook bevestigen. Na het CBE is er eventueel nog hoger beroep mogelijk bij De afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State (voorheen CBHO).
→ Belangrijk: veel studenten denken dat ze toch geen kans maken of durven de confrontatie niet aan. Maar onthoud dat die beroepsmogelijkheden er niet voor niets zijn. Men wil studenten een eerlijke kans geven om een beslissing aan te vechten. En successen komen geregeld voor: een onterecht negatief BSA kan worden omgedraaid als blijkt dat jouw situatie verkeerd is beoordeeld. Of een zware fraudestraf kan worden gematigd als het jouw eerste keer was en de omstandigheden begrijpelijkerwijs verwarrend waren (bijvoorbeeld een onduidelijke regel tijdens een online tentamen).
Ben je vrijgesproken of is het met een sisser afgelopen? Haal opgelucht adem, leer ervan (bijv. scherper zijn op bronnen vermelden, of nooit meer je werk zomaar aan anderen geven) en ga vooral goed verder met je studie. Zo’n ervaring is even rot, maar achteraf weet je hoe belangrijk eerlijk werken is.
Examencommissie op het mbo, hbo en de universiteit: wat is het verschil?
Zowel mbo-instellingen als hogescholen en universiteiten hebben examencommissies. Hun belangrijkste doel komt overeen: zorgen voor een goede en betrouwbare examinering.
Toch gelden niet overal dezelfde wettelijke regels.
Examencommissie in het mbo
Volg je een mbo-opleiding? Dan zijn de taken en bevoegdheden van de examencommissie vastgelegd in de Wet educatie en beroepsonderwijs (WEB).
De examencommissie bewaakt onder andere de kwaliteit van de examinering, stelt examens vast, beslist over bepaalde vrijstellingen en controleert of je aan de voorwaarden voor een diploma of certificaat voldoet.
Heb je een conflict over een examen of een beslissing van de examencommissie? Dan is het belangrijk om de examenregeling van jouw mbo-instelling te bekijken. Ook de procedure om tegen een beslissing in beroep te gaan verschilt van die in het hoger onderwijs.
Examencommissie in het hbo en wo
Studeer je aan een hogeschool of universiteit? Dan zijn de belangrijkste taken en bevoegdheden van de examencommissie geregeld in de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek (WHW).
De commissie bewaakt de kwaliteit van tentamens en examens, kan vrijstellingen verlenen, wijst examinatoren aan en neemt beslissingen binnen haar wettelijke bevoegdheden.
Daarnaast stelt ze vast of je voldoet aan de voorwaarden om je diploma te behalen.
En hoe zit het met een bindend studieadvies (BSA)?
Een negatief BSA kan betekenen dat je niet verder mag met je opleiding. In het hoger onderwijs ligt de wettelijke verantwoordelijkheid voor het studieadvies bij het instellingsbestuur. De uitvoering kan binnen een instelling aan een ander orgaan zijn opgedragen.
Het is dus niet zo dat de examencommissie automatisch ieder bindend studieadvies vaststelt.
Heb je een negatief BSA gekregen? Lees dan wat je kunt doen bij een negatief bindend studieadvies.
Niet eens met een uitspraak van de examencommissie? Je staat niet machteloos!
Een afgewezen vrijstelling, een geweigerde herkansing of een straf wegens fraude kan grote gevolgen hebben voor je studie.
Ben je het niet eens met een beslissing? Dan zijn er mogelijkheden om die aan te vechten. Welke procedure je moet volgen, hangt onder andere af van het soort besluit en je onderwijsinstelling.
In beroep bij het CBE (hbo en universiteit)
Bij hogescholen en universiteiten kun je tegen veel beslissingen over examens en tentamens in beroep gaan bij het College van Beroep voor de Examens (CBE).
Het CBE beoordeelt onder andere of de juiste regels zijn toegepast en of een besluit zorgvuldig tot stand is gekomen. De beroepstermijn is doorgaans zes weken na de bekendmaking van het besluit. Wacht dus niet te lang als je het niet eens bent met een beslissing.
→ Lees meer over het College van Beroep voor de Examens en de beroepsprocedure.
In beroep tegen een examenbesluit op het mbo
Op het mbo werkt de procedure anders. Ben je het niet eens met een beslissing over examens of tentamens? Dan kun je in beroep gaan bij de Commissie van Beroep voor de Examens van jouw mbo-instelling.
Voor deze examenbesluiten geldt in beginsel een termijn van twee weken na de datum van de beslissing. Ook voor beroep tegen een bindend studieadvies in het mbo geldt een termijn van twee weken.
Dit is dus een belangrijk verschil met het hoger onderwijs. Je kunt het beroepschrift indienen via het daarvoor bestemde loket van je onderwijsinstelling. Controleer altijd de informatie bij je beslissing en in het studentenstatuut.
En als je het daarna nog steeds niet eens bent?
Ben je het ook niet eens met de uitkomst van de interne beroepsprocedure? Dan kun je in bepaalde gevallen beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Sinds 2023 behandelt de Raad van State ook studentenzaken die voorheen door het College van Beroep voor het Hoger Onderwijs (CBHO) werden behandeld. Inmiddels behandelt de Afdeling ook beroepszaken uit het mbo. Deze beroepsroute geldt niet op dezelfde manier voor particuliere, niet-bekostigde onderwijsinstellingen. Controleer daarom welke procedure in jouw situatie van toepassing is.
Heb je een besluit van de examencommissie gekregen waar je het niet mee eens bent?
Een afgewezen verzoek, een fraudebeschuldiging of een beslissing die studievertraging veroorzaakt: het is niet altijd duidelijk wat je rechten zijn en welke stappen je kunt zetten.
De Studentenadvocaat helpt studenten bij juridische problemen met hun onderwijsinstelling. We kijken naar jouw situatie, de beslissing die is genomen en de mogelijkheden om daartegen op te komen. Heb je een vraag over een besluit van de examencommissie? Stuur ons je vraag in je eigen woorden. Dan kijken we hoe we je verder kunnen helpen.
Veelgestelde vragen over de examencommissie
-
Ze doen dat op verschillende manieren. Ten eerste stellen ze regels en richtlijnen op voor toetsing (zoals nakijktermijnen, herkansingsbeleid, beoordelingscriteria) zodat iedere docent zich aan dezelfde standaarden houdt. Ten tweede toetsen ze het toetsprogramma van de opleiding: ze kijken of alle leerdoelen goed getoetst worden, of er een goede mix is van toetsvormen en of de zwaarte evenwichtig is over de studiejaren. Ook analyseren ze na afloop tentamens om problemen op te sporen.
-
Ja, dat kan. Als jij het niet eens bent met een besluit van de examencommissie – bijvoorbeeld een geweigerde vrijstelling, een negatieve BSA, of een straf wegens vermeende fraude – dan kun je in beroep gaan bij het College van Beroep voor de Examens (CBE) van jouw instelling. Dat is een soort interne rechtbank die er onafhankelijk naar kijkt. In je beroepschrift leg je uit waarom je het oneens bent en wat jouw standpunt is. Je zaak wordt dan heroverwogen en je krijgt de gelegenheid om mondeling toe te lichten. Het CBE kan de beslissing van de examencommissie vernietigen of aanpassen als ze vinden dat jij gelijk hebt, of als de procedures niet goed zijn gevolgd. Daarna is er eventueel nog hoger beroep mogelijk bij de Raad van State.
-
Ja. Een examencommissie moet haar wettelijke taken onafhankelijk en deskundig kunnen uitvoeren. Dat betekent dat ze haar beslissingen niet zomaar mag laten bepalen door de belangen van een docent, opleiding of bestuurder. De wettelijke eisen aan de samenstelling en onafhankelijkheid verschillen tussen mbo en hbo/wo.
-
De examinator stelt normaal gesproken je tentamencijfer vast. De examencommissie heeft een andere rol, bijvoorbeeld bij het bewaken van de kwaliteit van toetsen en het behandelen van bepaalde verzoeken. Welke mogelijkheden er zijn om een cijfer of beoordeling aan te vechten, staat in de regels van je instelling.
-
Nee. De examencommissie neemt besluiten over onder andere examens, fraude en vrijstellingen. Het College van Beroep voor de Examens (CBE) behandelt in het hoger onderwijs beroepen tegen bepaalde beslissingen van onder andere examencommissies en examinatoren.
-
Ja, ook in het mbo zijn examencommissies wettelijk geregeld. De taken en bevoegdheden zijn vastgelegd in de WEB. De precieze organisatie kan per mbo-instelling verschillen.